home \ muziektheorie III \ pagina 2
Zoals aangegeven bestaat een akkoord uit drie of meer tonen. We kijken hier eerst naar akkoorden die bestaan uit drie tonen: drieklanken.
Er zijn twee manieren om akkoorden samen te stellen. De eerste manier is een aanpak met intervallen. De andere manier is er een waarin alleen tertsen worden gebruikt. We behandelen eerst de intervallen-manier, daarna kijken we naar de meer praktische tersten-aanpak.
Een drieklank bestaat uit een reine prime, een terts en een kwint, gezien vanaf de grondtoon.
Het C majeur akkoord bestaat uit de tonen C, E en G. Deze kun je bepalen met bovengenoemde intervallen:
Het is een majeur akkoord omdat de terst groot is, en de kwint rein.
Als je het type interval verandert (groot, klein, verminderd, overmatig), verander je ook het akkoord. Dit is hoe dat werkt:
De prime is altijd rein. Bij een C akkoord is de eerste toon de C.
De terts kan groot of klein zijn.
De kwint kan rein, verminderd of overmatig zijn.
Met een beetje wiskunde kun je uitrekenen dat er zes verschilende combinaties mogelijk zijn.
Daarvan zijn er echter maar vier nuttig:
In muziektheorieboeken kom je vaak nog een optie tegen met een grote terts en een verminderde kwint. Dit akkoord heet hard verminderd. Je kunt nog een variant tegen komen: een verminderde terts (dus kleiner dan klein) en een verminderde kwint. Dit heet dan dubbel verminderd. In de praktijk kom je deze echter niet tegen in drieklanken.
Laten we deze akkoorden eens beluisteren.

C majeur, C mineur, C aug.(+) and C dim.(van het Engelse "diminished", verminderd).
Het akkoordsymbool voor een dim akkoord is een kleine cirkel.
Een andere manier om akkoorden te benaderen is door ze op te splitsen in tertsen.
Zo bestaat het C majeur akkoord uit twee tertsen:
C-E: een grote terts
E-G: een kleine terts
Als je dit plaatst in de toonladder van C majeur, ziet dat er zo uit:
De eerste terts is groot, de tweede is klein.
Als je hetzelfde doet in de toonladder van C mineur, krijg je het C mineur akkoord:
Hier hebben we eerst een kleine terts, daarna een grote terts.
Je kunt dus drieklanken samestellen door tertsen te stapelen. Je kunt combinaties maken met grote en kleine tertsen. Er zijn vier combinaties nuttig voor gitaristen:
Tot nu toe hebben we gekeken naar akkoorden die beginnen op de eerste toon van een toonladder. We gaan nu kijken hoe je akkoorden maakt op de andere tonen van een toonladder (spoiler: dit werkt hetzelfde).